
Mensen gebruiken al eeuwen de kalender. Hoewel de kalender van tijd tot tijd verschillende vromen heeft gekend had het steeds als doel om tot een soort voorspelbare indeling van de tijd te komen. Voor boeren was een kalender bijvoorbeeld handig om te berekenen wanneer ze moeiten zaaien, maaien en oogsten.
Kalenders hebben een rangschikking van jaren, maanden, weken en dagen. Zeven dagen is een week, twaalf maanden is een jaar.
De Romeinen hadden in de achtste eeuw voor Christus al een kalender. Eerst had de kalender 304 dagen in een jaar en daarna nog een vaag aantal winterdagen. Julius Caesar voerde echter een kalender in met 365,25 dagen. Om de vier jaar kwam er dan een extra dag in het jaar, een zogenaamd schrikkeljaar.
Dit jaar was echter net iets langer dan de tijd die de zon nodig had voor een jaar dus na een aantal jaren liep de kalender achter op de zon. In 1582 werd de huidige kalender geintroduceerd.
In de loop van de tijd hebben verschillende volken hun eigen kalenders geintroduceert. De Egyptenaren, de Mayas en de Grieken hadden hun eigen berekeningen. Vaak was de zon als basis van de berekeningen van de kalender maar een aantal kalenders hebben de maan als basis voor hun kalender, zoals de islamitische kalender.
En nu kun je online op onze kalender op zoek naar data in het verleden of in de toekomst!